Huizenstress VI: Polderblindheid

Terwijl ik hier binnen zit, in mijn kleine huisje te midden van de brullende hittegolf, zal ik vertellen hoe het nu verder afliep met dat auto ritje. En ook het lichtpuntje dat er na kwam. Niet in de uittredende zin van het woord, want we leven nog – even afkloppen -.
Ik geloof dat ik 3 blogs geleden het zwaartepunt wel zo’n beetje bij dat autoritje heb neergelegd, toen ik het had over halsbrekende toeren.

Zondagmiddag moest het er dus van komen, het gevreesde ritje van 20 minuten op de snelweg. Een paar dagen eerder waren we al de helft van de afstand gereden naar een bij mijn vriendin geliefd tuincentrum. Die afstand had monsterlijk geleken: over zowel de snelweg, als wel een 80 weg die bekend staat om zijn dodelijke ongelukken. Maar na een paar keer was de route gaan wennen.

Om de afstand af te leggen had ik mij goed voorbereid. Ik had de dag er voor de hele route op Google Maps uitgebreid bestudeert. De afslagen, hoe het dorp waar we heen moesten er uit zag en welke route ik zou moeten nemen als ik de afslag miste. De afslag missen was een eng idee, want dan zou ik meteen voor kilometers de dijk op rijden en pas kunnen stoppen als ik aan de andere kant van het land was aangekomen. De horror, om met mijn nagels in het stuur geklauwd kilometers lang geen keuze te hebben dan in hoge snelheid voor mij uit te rijden, teneinde de andere auto’s op de weg niet tot last te zijn, waarna duizelig van de spanning  aan te komen en weer terug te moeten. Ik bestudeerde de “reserve afslag” en toen was ik klaar.
Tevens heb ik van de spanning een paar oude slechte gewoonten weer opgepakt. Zijnde het drinken van koffie, waar ik super veel nerveuze energie van krijg en het dwangmatig kauwen van kauwgum, om de zenuwen te kanaliseren. Ik klapte de laptop dicht, zette een mentale knop om en dronk zonder nog langer in contact te staan met mijn binnenste een halve kop aanleng koffie bij mijn vriendin.

Hoewel ik er op berekend was eerst de vertrouwde route naar het tuincentrum af te leggen, zei mijn vriendin net voor de afslag naar de snelweg: ‘Waarom gaan we niet eerst naar dat dorp, dan kunnen we daarna met een kleine omweg bij het tuincentrum stoppen.’
Hoewel het me eng leek was het een goed idee, dan hadden we het ergste maar achter de rug.

Het stuk op de snelweg ging heel aardig en ik merkte dat ik niet nerveus was. Ik was zelfs een beetje stoer. Net een echte automobilist. Hoewel het wel een rot eind rijden was, kende ik alles waar we langs reden al van de foto’s en het was lekker rustig in deze richting. Eenmaal aangekomen zijn we op de bonnefooi nog een rondje door het dorp gereden. Het was een leuk dorp met een paar mooie oude gebouwen en één heel cool vervallen pand. Dat zie je niet zo vaak in dit gedeelte van Nederland. Ik zette de auto ergens stil om de nieuwe route in te voeren en even op adem te komen. Als het zo makkelijk ging, zou de rest ook geen probleem zijn.

Dus we vertrokken weer, raasde terug over de snelweg en sloegen af naar het tuincentrum. Ik neem die afslagen van de snelweg die overgaan in een scherpe U-bocht altijd net iets te snel en scheur dan ongemakkelijk door de bocht als een formule 1 koerier. Vaak omdat ik niet kan bedenken in welke versnelling ik nou door moet rijden. Dan wordt het een opstapeling in mijn hoofd en ben ik daar met terugwerkende krachten nog over na aan het denken. We passeerden en T splitsing en ik sloeg, na geanalyseerd te hebben dat er links en rechts geen kip te bekennen was, links af. Opeens hoorde ik heftig getoeter schuin achter mij. ‘Schatje, auto,’ prevelde mijn vriendin geschrokken. Vagelijk keek ik over mijn schouder en zag een grijze auto op de splitsing die ik net had overgestoken.
‘Had je die niet gezien?’ vroeg ze.
‘Nee.’
Toen we verder reden overzag ik de situatie pas: Er had een grijze auto op de T splitsing vlak voor me gestaan en ik had links en rechts gekeken maar niet voor me. Absurd, de hele auto heb ik TOTAAL gemist. En dat terwijl hij voorrang had. Die auto is dus ter hoogte van mijn passagiersstoel in de ankers gegaan, anders waren we tot een botsing gekomen…

Ook als ik de beelden terugroep van hoe ik op de splitsing stond, kan ik me totaal geen grijze auto herinneren. Hoewel ik niet voor me heb gekeken hebben mijn hersenen het plaatje ingevuld met: blank space.

In een staat van verhoogde alertheid ben ik verder gereden naar het tuincentrum en daarna naar huis.
‘Blijkbaar moet ik met mijn oververmoeide hersenen echt uitkijken hoeveel ik rij,’ zei ik later tegen mijn vriendin. Ik sprak met mezelf af dat het vanaf nu maar 20 minuten op was en dan minstens 10 minuten af. En natuurlijk voelde ik me slecht omdat ik mijn vriendin bijna in een ongeluk had betrokken. Mijn auto zou nota bene aan haar kant geraakt zijn als het was gebeurd.

‘Dat heet polderblindheid,’ zei mijn moeder later toen ik er met haar over sprak. ‘Omdat het landschap zo weids is vergeet je dan vlak voor je te kijken.’
Dit stelde me enigszins gerust. Blijkbaar hadden meer mensen hier last van.
‘Toch denk ik dat als mensen wisten hoe het er bij mij van binnen aan toe gaat als ik auto rijdt, ze mijn rijbewijs zouden afpakken,’ zei ik.
Maar mijn moeder was in zo’n bui waarin ze alles met de mantel der liefde bedekte: ‘Ach je hebt hem gehaald ook, dus dat zal wel goed komen.’
‘Ja maar het zit bij ons in de familie mam’, zei ik. ‘Ik had het er laatst nog met pap over, die kan ook niet autorijden. Alles in zijn hoofd is daar te druk voor, zegt hij dan. Je ziet het nu ook met Yaïr, die heeft ook zo’n moeite om zijn rijbewijs te halen. En onze tante heeft het ook. Ik denk gewoon dat je er de hersenen voor moet hebben of niet.’
‘Zo zwart-wit moet je het niet zien,’ zei mijn moeder, ‘Yaïr gaat het heus wel halen en mensen kunnen altijd dingen aanleren’.
‘Ja maar de groeicurve is wel ellendig lang,’ sputterde ik.
Maar ze wilde het niet begrijpen.
Toen ik vertelde over de angstige gedachten die ik ervoer zei ze: ‘Dan moet je denken: Is deze gedachte helpend of niet? En zo niet dan neem je er afstand van.’
Ik heb haar maar in die waan gelaten, maar ze lijkt zich niet te realiseren dat ze dit zegt tegen iemand die al jaren gediagnosticeerd is met een angststoornis en verschillende depressies. Voor dat soort naïeve adviezen is het dan te laat.

Verder denk ik dat ik mijn moeite met autorijden ook aan de grote A kan relateren. De meeste mensen rijden auto op hun gevoel, als zij klaar zijn met lessen. Bij mij moet echter alles constant door de hersenen. Zie dan nog maar eens een snelweg in je op te nemen met 120 kilometer per uur. Voor mij voelt dat ongeveer zo:

Dat ik stukken informatie pas met terugwerkende krachten compleet maak heeft laatst ook bijna tot een ongeluk geleid op een rotonde. Omdat een bejaarde man niet durfde over te steken bij het zebrapad waar ik hem voorrang gaf, reed ik door en zag de fietser die wel voorrang nam bijna te laat. Mijn vader zat naast me en gaf de bejaarde de schuld: ‘Dat gezeur van die oude mensen altijd,’ mopperde hij. ‘Daardoor loopt alles in de war.’
‘Dat vind ik ook,’ zei ik. ‘Ik heb een hekel aan mensen die de voorrangsregels niet volgen.’
Mijn vader begreep het tenminste: ‘Als je dat autorijden op een gegeven moment nou nog steeds met zo veel afkeer doet moet je er gewoon mee stoppen,’ zei hij.
De man van mijn moeder had nog wel een goede tip: ‘Misschien moet je gewoon in een automaat gaan rijden, dan hoef je niet te schakelen.’
Zijn ex-schoonmoeder, in haar jongere jaren een doorgewinterde motorrijdster, was in een automaat naar Duitsland gereden.
‘Ze hoefde alleen maar te sturen en naar buiten te kijken,’ zei hij. ‘En als ze de automaat op een standaard afstand van de voorganger instelde hoefde ze zelfs nog minder te doen.’
‘Een automaat is hartstikke duur,’ zei ik, denkend aan al die grote elektrische auto’s .
‘Maar een klein autootje met een DAF motor niet,’ zei hij.
Dat gaf me een goed gevoel.
Misschien kan ik op een dag net zo genieten van autorijden als van een ritje in de trein en lekker door het raam naar buiten turen, terwijl ik blader door mijn eeuwige gedachten.

P.S: Over dat lichtpuntje vertel ik volgende keer (ja sorry, stomme timing)

1 Comment

  1. Ben benieuwd naar het lichtpuntje. En als rijden voor jou voelt zoals op de animatie…pff…ik zou gek worden. En ik tel maar weer even mijn zegeningen omdat autorijden voor mij zo heerlijk ontspannend werkt. Lijkt me zó lastig als dat spanning oproept, vooral omdat je dan ‘gebonden’ bent.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.